Bollinger Bands
Bollinger Bands zijn een volatiliteitsindicator die uit drie lijnen bestaat: een voortschrijdend gemiddelde in het midden (meestal een simpel voortschrijdend gemiddelde van 20 perioden) en een bovenste en onderste band, getekend op een vast aantal standaarddeviaties – meestal twee – erboven en eronder. Omdat de standaarddeviatie meet hoe ver recente prijzen uit elkaar liggen, worden de banden breder wanneer de volatiliteit toeneemt en smaller wanneer de markt rustig wordt, zodat de prijs in een zich aanpassende envelop wordt gevat.
Als Bitcoin bijvoorbeeld wekenlang rustig handelt, knijpen de banden zich strak samen; traders noemen dit een Bollinger squeeze en zien het als een waarschuwing dat er vaak een volatiele beweging volgt, al zegt de indicator niet in welke richting. Wanneer de prijs tijdens een sterke rally langs de bovenste band loopt, wijst dat daarentegen op aanhoudend momentum en niet op een automatisch verkoopsignaal.
Een veelvoorkomende misvatting is dat het aanraken van een band betekent dat de prijs terug moet keren naar het midden; zelfs in normale omstandigheden vindt naar verwachting ongeveer 5% van de koersbeweging buiten de banden van twee standaarddeviaties plaats, en in sterke trends kan de prijs lange tijd tegen een band aan blijven liggen – een gedrag dat bekendstaat als walking the band. Traders combineren de banden daarom met momentumindicatoren of candlestick-signalen en gebruiken aanrakingen van de band als context in plaats van als trigger.